Overweging 8: Over waarneming en amplificatie
Leerstuk 5: Perceptie.
Wij kunnen niet waarnemen wat ons niet verteld is waarneembaar te zijn.
Vraag: Monkey Business, ziet u wat u niet weet te kunnen zien?
De aan de NASA verbonden hoogleraar Stephen Hawking* verwacht dat als er ‘ruimtewezens’ op aarde arriveren, wij die net zo min kunnen waarnemen als de ‘Indianen’ de schepen van Columbus. Kennelijk kunnen wij niet waarnemen wat ons niet verteld is waarneembaar te zijn.
Mensen lijken überhaupt zintuiglijk maar mager geëquipeerd. Bijna alle dieren van het wereldrijk zijn hierin beter toegerust dan wij. Konijnen kunnen vaste stoffen ‘ruiken’, de ogen van roofvogels zien minuscule muisjes van grote hoogte, honden kunnen frequenties waarnemen die voor ons niet hoorbaar zijn. Wij mensen kunnen in vergelijking niet anders dan als gemankeerd gekenschetst worden. Ook het individuele vermogen tot empirische waarneming is als zodanig beperkt. Ons zal verteld moeten worden dat er iets waar te nemen is. Omdat wij, tenzij men in reïncarnatie gelooft, maar in één tijdvak tegelijk leven, zal slechts dat stuk van de empirie ons ter beschikking staan. Empirie hier als gedefinieerd door de eigen waarneming van de omgeving. Echt weten hoe het duizend jaar geleden was doen wij niet en hoe het over honderd jaar wordt al evenmin. Weten hoe het hier en nu is, is al moeilijk genoeg. Dat zal ons verteld moeten worden en dat gebeurt dan ook. Ons worden immers continu feiten medegedeeld en die worden meteen van een betekenis voorzien, anders kunnen we er niet zoveel mee. Daarzonder kunnen wij niet waarnemen, zoals experimenten als The Monkey Business Illusion illustreren. Als men mensen naar een opname laat kijken en hen daarbij de instructie geeft specifiek op iets te letten, nemen zij dat specifieke inderdaad waar (in dit geval stuiterende ballen), maar allerlei tegelijkertijd optredende verschijnselen niet. Het filmpje staat op YouTube. We kunnen niet zien wat we niet weten te kunnen zien. Dat is wat professor Stephen Hawking bedoelde met zijn ‘ruimtewezens’ die wij die net zo min kunnen waarnemen als de ‘Indianen’ de schepen van Columbus. Als feiten al geholpen tot ons bewustzijn doordringen, nemen de feiten verschillende routes. Een diffuus feitje dat, afhankelijk van de oorspronkelijke duiding, als een Tovenaarsleerling van de gelegenheidscombinatie Goethe en Dukas, allerlei andere feiten aantrekt die er, soms losjes, mee te maken hebben. De duiding neemt toe totdat ze vele malen groter is dan het feit of de feitjes waarop ze berust. De onlangs overleden politicus Willem Aantjes werd op basis van een relatief onbenullige administratieve kwestie opgezadeld met een compleet nazi-verleden en dit bleef, ook toen de meeste mensen er wel van overtuigd waren dat Aantjes niet veel te verwijten was.
*S. Hawking, A Brief History of Time, Bantam Dell Publishing Group, 1988
Volgende keer: Gestolde feiten

Geef een reactie